Blog

Terug naar de bron: boeren, wijn en vertrouwen

Na onze korte kennismaking met Montevideo. Kalm, ruim en ongehaast hebben we op vrijdag onze huurauto opgehaald en zijn we vertrokken richting het binnenland. De stad maakt plaats voor land. De rust, die in Montevideo al voelbaar was, wordt onderweg bijna tastbaar.

Vrijdag 9 t/m zondag 11 januari

Koeien tellen en de stilte horen

Onderweg zien we eindeloze graslanden en overal koeien. Uruguay telt ongeveer 3 miljoen inwoners en zo’n 12 miljoen runderen. Koeien, kalveren, pinken alles loopt buiten. Geen strak Engels gras, maar ruiger, natuurlijker groen. Het systeem oogt eenvoudiger dan bij ons in Nederland. Minder intensief, maar het werkt.

Langs de weg verschijnen oude, gesloten melkfabrieken – ooit dorpscoöperaties. Ook dat herkent men uit Nederland. Inmiddels is er hier, net als bij ons, één grote speler: Conaprole, een nationale zuivelcoöperatie die zelfs internationaal exporteert. Meteen op het vliegveld zagen we een enorme banner: drie kinderen met een glas melk in de hand, en de tekst: “Welcome to the land of milk.”

De toon was gezet. Wijnbouw met overtuiging

Zaterdag maakten we een prachtige wijntour in de regio Carmelo, onder begeleiding van gids Fabian Souto. We bezochten twee wijnhuizen: El Legado en Cordano. Hier proef je niet alleen wijn, maar vooral visie. Kleinschalig, familiair, ambachtelijk.

De tweede wijnboerderij is aangesloten bij het Programa de Viticultura Sustentable – een Uruguayaanse vorm van duurzaamheidscertificering. Geen officieel biologisch label (dat blijkt in dit klimaat praktisch onhaalbaar), maar wel: telen zonder chemische bestrijding, met aandacht voor bodem en omgeving.

De eigenaar vertelde over parkieten – felgroene, slimme vogels die verzot zijn op druiven. Elke verjagingspoging doorzien ze na een paar keer. Ze blijven rustig eten. Aan het begin van iedere druivenrij groeit een rozenstruik. Is die gezond, dan zijn de druiven dat ook. De natuur als signaalgever.

Deze wijnboer is de vijfde generatie op zijn erf. De oorspronkelijke winkel met houten toonbank en kasten staat er nog, als herinnering aan toen de boerderij niet alleen produceerde, maar ook rechtstreeks verkocht.

Dat gevoel is terug. Wat deze wijnboeren doen, doet denken aan initiatieven in Nederland zoals ValleiProefLokaal of Zuco: voedsel dichtbij, betrouwbaar, en met een gezicht.

Niet terug in de tijd, maar terug naar de relatie tussen boer en klant. Bekend. Betrouwbaar. Herkenbaar.

Een zoet moment van cultuur

Bij de lunch koos ik voor iets typisch Uruguayaans: dulce de leche. Het nationale lievelingsproduct – ook het favoriete dessert van koningin Máxima. Een flensje met warme dulce de leche, een bolletje romig ijs en zwartebessenjam. Mierenzoet, maar in balans. Een gerecht dat tegelijk eenvoud en traditie uitstraalt. En misschien ook wel een stukje identiteit.

Soms leer je een land niet via zijn economie of geschiedenis, maar via een toetje. Naar het binnenland.

Zondag reden we verder naar het noorden, richting de provincie Durazno, waar we de komende drie dagen verblijven op Estancia La Bendición. Hier slapen we in een gerestaureerde treinwagon op een landgoed van 1.600 hectare, aan de oever van de Rio Negro.

We laten de wijn achter ons, en stappen het vleesveelandschap binnen. Een regio waar boeren bekend staan als grootgrondbezitters, vaak al generaties lang. Rijk, wordt gezegd. Maar dat gaan we de komende dagen zelf zien. Wat zeker is: het tempo wordt opnieuw langzamer. En de afstand tot ons dagelijks leven groter.

Afsluitend

Deze eerste drie dagen vormden een reis op zichzelf. Van hoofdstad naar horizon. Van melk naar wijn. Van grootschaligheid naar herkomst.

Wat zichtbaar wordt, is een beweging die ons bekend voorkomt. Geen nostalgie, maar een nieuwe koers richting verbondenheid met grond, product en producent. Uruguay leeft niet in het verleden. Maar sommige van haar boeren staan weer zelf aan het roer.